
Tapijt is het inrichtingsmateriaal met de hoogste uitstoot in de evenementensector, en 78 procent ervan wordt slechts eenmaal gebruikt. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van isla, een onafhankelijke Britse organisatie op het gebied van duurzaamheid binnen de evenementenbranche. De bevinding komt uit 'A Closer Look: Materials', het eerste rapport in een nieuwe reeks datagedreven publicaties, gebaseerd op ruim 6.400 materiaalregistraties over 789 events in 2025 op TRACE, isla's platform voor koolstofmeting.
Naast tapijt springen bij grafische materialen vooral niet-PVC standaardbanners eruit, met de hoogste totale uitstoot. Daarmee bestempelt isla tapijt en banners als de twee logische startpunten voor elk reductieprogramma. Hoewel tapijt breed wordt gezien als een praktische noodzaak, stelt het rapport dat het materiaal meer strategische aandacht verdient en dat locaties een belangrijke, nog grotendeels onbenutte rol kunnen spelen in het doorbreken van de wegwerpnorm.
In totaal is 84 procent van alle gemeten materialen nieuw geproduceerd - dus niet gehuurd, hergebruikt of vervaardigd uit gerecycled materiaal - en 42 procent van de bouwmaterialen wordt eenmalig gebruikt en daarna weggegooid. Het totale gewicht aan eenmalig gebruikte materialen in TRACE bedraagt 1.229 ton.
Tegen verwerkingskosten van ongeveer 292 pond (circa 335 euro) per ton komt de geschatte afvalrekening voor de 789 geregistreerde events uit op bijna een half miljoen pond (ruim 575.000 euro), oftewel 728 euro per evenement. Dat is budget dat wordt besteed aan het produceren, transporteren en vervolgens weggooien van materiaal dat hooguit enkele dagen dienst doet.
Gemiddeld brengt een event 2,7 ton nieuw materiaal binnen, waarvan 87 procent als virgin wordt geclassificeerd en slechts 10 procent voor meer dan de helft uit gerecycled materiaal bestaat.
Het rapport weerlegt volgens ISLA de gangbare aanname dat materialen een ondergeschikt vraagstuk zouden zijn ten opzichte van reizen. Wordt het bezoekersvervoer buiten beschouwing gelaten, dan stijgt het aandeel van materialen naar 27 procent van de totale eventuitstoot. Wordt ook het personeelsvervoer weggelaten, dan vertegenwoordigen materialen 31 procent van de volledige beïnvloedbare voetafdruk van een event. Daarmee is het volgens isla de grootste categorie waar organisatoren rechtstreeks invloed op kunnen uitoefenen.
Om de materialenproblematiek aan te pakken, presenteert het rapport een praktisch driedelig kader: verlaag het totale volume, maak slimmere ontwerpkeuzes en bedenk vóór aanvang van het event wat er met de materialen gebeurt aan het einde van hun levensduur, in plaats van achteraf.
Aanvullend introduceert isla een scoremodel dat vijf factoren weegt: de bijdrage van een materiaal aan de uitstoot, hoe eenvoudig een verandering is door te voeren, de houdbaarheid van die verandering op lange termijn, de beschikbaarheid van data en de mate van controle die organisatoren daadwerkelijk hebben.
"Wat opvalt als je in de materiaaldata duikt, is niet alleen de omvang van de uitstoot, maar het volume aan verspilling dat genormaliseerd is en geaccepteerd als onderdeel van zakendoen", zegt Emily Shephard, insights lead bij isla. Volgens haar is het feit dat bijna de helft van de bouwmaterialen eenmalig wordt gebruikt en weggegooid 'een schokkende statistiek' voor zowel circulariteit en emissiereductie als vanuit financieel oogpunt, en daarmee een duidelijk aandachtspunt voor iedereen die ontwerp- en bouwbeslissingen neemt.
Het rapport is gratis te downloaden via de website van isla.
Er zijn nog geen reacties.
Je moet ingelogd zijn om een reactie te plaatsen.